Fascie is één van de drie soorten bindweefsel: de andere twee zijn ligamenten en pezen.
Er zijn drie lagen fascie: onderhuidse fascie, diepliggende fascie, en verbindende fascie.
De fascie is voor te stellen als een groot net, of web, dat door het hele lichaam loopt. Dit web omsluit precies passend alle weefsel waar het mee in contact staat. Als er ergens een verstoring is zal de fascie daar - of mogelijk ook op een andere plek - gaan samentrekken en verstrakken. Dat is een natuurlijke beschermingsreactie van het lichaam. Meestal herstelt het lichaam dit spontaan en ontspant de fascie weer.
Het komt echter ook voor dat het lichaam maar gedeeltelijk herstelt en de fascie plaatselijk gespannen blijft. Daardoor blijven alle "mazen" van het net onder spanning staan en worden hierdoor zowel bloedcirculatie als zenuwen in bepaalde weefsels verstoord. Dat kan klachten opleveren bijvoorbeeld op plekken waar de fascie - nog steeds onder spanning dus - over gewrichten loopt, zoals bij veel RSI-klachten. Lokaal behandelen geeft dan wel wat vermindering van klachten maar neemt niet altijd de oorzaak weg.
Verder kan spanning op het fasciale weefsel problemen met het afvoeren van afvalstoffen geven. Nier- en darmfuncties kunnen hierdoor verstoord raken, wat klachten als hoofdpijn, vermoeidheid en problemen met de stoelgang tot gevolg kan hebben.


